de g-trema
(1800 woorden; 15 minuten leestijd)- De regels voor het gebruik van de trema in het nederlands zijn goed omschreven:
- Het trema wordt gebruikt in een niet-samengesteld woord(deel) om te voorkomen dat twee opeenvolgende klinkerletters als één klank gelezen worden. Het gaat hier om de volgende veertien lettercombinaties: aa, ai, au, ee, ei, eu, ie, oe, oi, oo, ou, ui, uu en ook ae. Voorbeelden: tetraëder, naïviteit, reële, geïnd, reünie, conciërge, koloniën, poëzie, egoïsme, coördinatie, ruïne, vacuüm, Israël.
- Deze regel is niet van toepassing op de Latijnse en Franse uitgangen -ei, -eus, -eum en -ien. Deze uitgangen krijgen dus geen trema: baccalaurei, baccalaureus, petroleum, opticien. De regel geldt weer wel voor Bijbelse namen die op -eus eindigen: Mattheüs.
- Bij meer dan twee klinkerletters wordt geen trema gezet direct na de i. Bovendien kan alleen de e de u of de i een trema krijgen: artificieel, aaien, begroeiing, ooievaar, truien; bantoeïstiek, bedoeïen, geëerd, geëuropeaniseerd, knieën, moeë, mozaïek, weeïg, geuit, geautomatiseerd.
- Bij woordafbreking vervalt het trema: co-ordinatie, ge-eerd.
- De regels voor het trema gelden niet voor afleidingen op -achtig; die krijgen een koppelteken als twee opeenvolgende klinkerletters als één klank gelezen kunnen worden: zebra-achtig, detectiveachtig.
- Het trema wordt niet gebruikt tussen delen van samenstellingen. Het is dus niet naäpen maar na-apen, niet toeëigenen maar toe-eigenen, niet zeeëgel maar zee-egel. Een uitzondering vormen de samengestelde telwoorden; deze krijgen wel een trema: drieëndertig. Soms is het moeilijk uit te maken of een woord een samenstelling of afleiding is. Dit geldt in het bijzonder voor woorddelen als bio-, macro-, micro-, mini-, multi- en neo-. Woorden zoals de volgende krijgen geen trema maar een streepje: bio-industrie, macro-economie, micro-organisme, mini-emmer, multi-etnisch, neo-expressionisme.
- de lettercombinatie ng Met name bij de ng [fonetisch ŋ] komt het voor dat er een lettergreep-scheiding valt tussen de n en de g, waardoor de uitspraak [n ɣ] wordt. In de eerste vijf kolommen van onderstaande lijst is een aantal voorbeelden gegeven:
- de lettercombinatie nk Altijd als de lettercombinatie nk voorkomt in een woord, leidt dat tot de uitspraak [ŋk]. Deze vorm van regressieve assimilatie is dermate sterk, dat hij zelfs over woordgrenzen heen werkt. De formele notatie van deze fonetische regel is te vinden in Trommelen, Zonneveld, Inleiding in de generatieve fonologie, Muiderberg, 1979.
- overige lettercombinaties De overige lettercombinaties waarbij de 2de geschreven letter een medeklinker is zijn {ch, ph, ij}. Samenstellingen die tot verwarring bij de lezer zouden kunnen leiden zijn uitermate zeldzaam. Voorbeelden zijn ophalen, kaphout, opheffen en nazijager.
- de gedachte De Nederlandse spelling zou eenduidiger worden, als we de beperking die we aan de trema opleggen -nl dat die alleen gebruikt kan worden op klinkers- zouden opheffen. De oplossing die bij klinkers gekozen is, om bij een samenstelling een verbindingsstreepje tussen de samenstellende delen te plaatsen, is onelegant en niet werkbaar bij de grote hoeveelheid samenstellingen met on- en in-. De afweging moet hier gemaakt worden tussen het gemak van de lezer en het ongemak van de schrijver. Nu alleen nog een eenvoudige manier vinden om de g" ook met een tekstverwerker te schrijven. Dan zullen we gewend raken aan ong" ewenst wang" edrag bij een tong" ewelf in een wing" ewest.
Het trema of deelteken is een spellingsteken dat bestaat uit twee puntjes die boven een klinkerteken worden gezet. Het trema geeft aan dat de ermee gemarkeerde klinker het begin is van een nieuwe lettergreep en dus niet moet worden gelezen als zou hij samen met de er aan voorafgaande letter(s) een klank weergeven, zoals in knieën.
Voor het gebruik van het trema bestaat in de Nederlandse spelling een aantal regels.het onderstaande is overgenomen uit wikipedia
Wat hierbij opvalt is, dat het gebruik van de trema (gegeven regel 1) beperkt wordt tot de klinkers.
Hoewel deze regels in de geschiedenis van het de Nederlandse spelling zo zijn gegroeid, is er geen enkele noodzaak om deze beperking op te leggen. Het Nederlands kent immers ook een aantal lettercombinaties met minstens één medeklinker die als één klank gelezen dienen te worden, te weten de {ng, nk, ch, ph, ij}, en waarbij ook onduidelijkheid over de uitspraak kan ontstaan als er tussen de twee letters een scheiding van betekenisdragende elementen ligt.
on- | in- | con- | samenstelling | stamwoord | leenwoord |
ongewoon | ingewikkeld | conglomeraat | wangedrag | hongaar | ingenieur |
In al deze gevallen van de eerste vijf kolommen wordt de geschreven combinatie uitgesproken als [n ɣ] of -afhankelijk van de spreker- vaak ook als [ŋ ɣ] t.g.v. regressieve assimilatie. In elk geval is de uitspraak nooit [ŋ].
In de zesde kolom staan een aantal leenwoorden, waarbij de uitspraak noch [n ɣ], noch [ŋ ɣ], noch [ŋ] is. Bij de woorden van franse origine is de uitspraak [ʒ] (ingenieur, congé], bij de overige woorden [[ŋ g] (conga, mango). Omdat het leenwoorden zijn met behouden spelling, zijn ze te vergelijken met de groep uitzonderingen die benoemd is in regel 1: Latijnse en Franse uitgangen -ei, -eus, -eum en -ien krijgen geen trema. Een trema zou bij woorden als mango en conga ook niet behulpzaam zijn voor een correcte uitspraak.
Verwarring bij de lezer omtrent de uitspraak is niet mogelijk als de n voorafgegaan wordt door een lange klinker [a, e, i, o, u, ü,] of een diftong [εi, Ʌü, αu, ɶ], omdat die in het nederlands nooit worden gevolgd door een ŋ-klank. Een trema bij samengestelde woorden als traangas, steengoed, woongenot, citroengeel alsmede bij schijngevecht, tuingereedschap, steungeld is daarom nooit nodig. Ook de woorden met voorvoegsel aan- als aangenaam, aangeleerd, aangaan vallen in deze catergorie.
Omdat deze regel altijd werkzaam is, is er bij de lezer geen verwarring mogelijk omtrent de uitspraak. Het gebruik van de trema op de k is dus niet nodig.
Voorbeelden:
on- | in- | samenstelling |
onkunde | inkomen | wanklank |